Zintuig: het zicht

zicht4

Katten kunnen beter zien dan mensen, vooral in het donker! Haar ogen zijn gericht op beweging, waardoor ze bewegende prooidieren zo goed kan vangen. Een stilzittende muis vlak voor haar zal ze niet opmerken; haar zicht is op ongeveer 60 – 90 cm van haar gezicht het best.

Ze ziet kleur op een andere manier dan mensen. Voor een kat maakt het niets uit of haar prooi lichtbruin of blauw, rood of grijs is: een wegrennende muis is een prooi! Ze is daarentegen niet kleurenblind: ze ziet wel de kleuren, maar de kleurtonen lijken meer op elkaar. Ze kan de blauwe kleuren het beste uit elkaar halen, en rode minder goed.

Haar pupillen reageren, net als die van mensen, op de lichtinval. Bij veel licht hebben haar pupillen een lange, eliptische vorm. Bij weinig licht vormen ze een rondje. Een kat kan haar pupillen sneller dan mensen laten veranderen. Bij grote katachtigen, zoals leeuwen en tijgers, verandert de pupil even snel als bij een mens. En deze grote katachtigen kunnen ook minder goed in het donker zien dan hun kleine verwanten.

Witte katten met twee blauwe ogen zijn vaak vanaf de geboorte doof. Witte katten met één blauw oog zijn vaak aan het oor aan die kat doof. Meer over doofheid staat bij Het gehoor en het evenwicht.

Haar ogen geven licht!

Heb je in de schemer wel eens gemerkt dat haar ogen licht lijken te geven? Een speciaal laagje achterin het oog van de kat laten haar ogen oplichten in de schemer. Het laagje reflecteert het licht, waardoor de kat beter kan zien. Maar het werkt alleen wanneer er ook maar een klein beetje licht is; in het pikkedonker kan ook een kat niets zien. Op foto’s met de lichtflits geeft het laagje een ‘special effect’: het licht dan rood op. (Maar dat is niet hetzelfde als rode ogen bij mensen op foto’s.)

Foto’s: Christophe Libert en Alice Fontana (CC-licentie)